De sleutel -10-

De Sleutel -Hoofdstuk 10-

Moe maar ontspannen plof ik in een tuinstoel. Het is laat, heel laat. Iedereen is naar huis en het was een geweldige avond. De kinderen liggen al een hele poos lekker te slapen en Marco en Anja hebben heel fijn geholpen met alles opruimen. De vaatwasser doet zijn ding al voor de vierde keer vanavond en ik ben moe. Maar ik kan nog niet slapen. Alle indrukken, alle fijne gesprekken, razen nog door mijn hoofd. Het is nog steeds warm buiten en we besluiten samen nog lekker even na te keuvelen in de tuin.

Langzaam aan gaan ook mijn schoonbroer en zijn vrouw naar binnen en uiteindelijk kan ook Hugo zijn vermoeidheid niet weerstaan. Ik ben ook moe, maar ik besluit toch nog even alleen buiten te blijven zitten. In de stille donkere nacht tuur ik voor me uit. Bij het zwakke licht van de laatste kaars hoor ik een uil roepen. Zijn roep komt van heel dichtbij. Hij lijkt zich op te houden in het kleine bosje achter in onze tuin. Hij roept nog een keer. Zijn roep wordt luider. Ineens flitsen er herinneringen van afgelopen dromen door mijn hoofd. 

De sleutel, het kleine bos achter in mijn tuin waar ik in verdwaalde, de deur die open ging en de pijn. De pijn. Ik schrik. Die pijn is er nog steeds. Was het wel een droom? Wat is er eigenlijk allemaal gebeurt? Ik kijk naar mijn rechterhand. Onzeker en voorzichtig draai ik hem om. De aanblik van de afdruk in mijn rechterhand doen de rillingen langs mijn rug gaan. 

Dan slaat een overweldigende vermoeidheid toe. Van de dag, van het jaar, van alles. Ik vecht en probeer helder te blijven maar de slaap wint het van mij. Nog eenmaal hoor ik luid de uil en dan val ik als een blok in slaap.

<Hoofdstuk 9.                                                                 Hoofdstuk 11>

One thought on “De sleutel -10-

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *