De gevoelige plaat VIIII ‘Schone energie’

Schone energie, Windmolenpark aan de kust bij Katwijk aan Zee met voorbij varend zeiljacht.

Over ons energieverbruik is veel te doen. Ik verbaas me er regelmatig over. Het lijkt wel of we in een soort spagaat belandt zijn waarvan we niet weten hoe weer op te staan.

Aan de ene kant weten we dat onze ‘voetafdruk’ te groot is. We leven op gigantische voet en de wereld kan dit eigenlijk niet bijbenen. Earth overshoot day viel dit jaar weer vroeger dan voorgaande jaren, namelijk op 1 augustus. Op deze dag hebben we net zoveel natuurlijke grondstoffen gebruikt als de aarde kan aanmaken in een jaar. Alles wat we nu gebruiken kan onze aarde dus eigenlijk niet bijbenen. Onze voorraad is eigenlijk op…

Toch pompen we massa’s fossiele brandstoffen uit de aarde. We verzinnen zelfs uitzonderlijk ingewikkelde procedures om ook het laatste druppeltje omhoog te halen. De gevolgen zien we ook in ons eigen land. We vinden allemaal dat de schaliegaswinning in Groningen niet zo door kan gaan. Groningers leven op een dunne aardkorst met daaronder niets dan leegte. De aarde verzakt en beeft en huizen kraken en scheuren.

Aan de andere kant zijn er energiebronnen die onuitputtelijk zijn en verder niets extra’s vragen van onze planeet. We weten al eeuwen dat die bronnen er zijn, maar we gebruiken ze nauwelijks.

Sinds de Griekse oudheid weten we al dat de zon een bron van energie moet zijn. De Romeinen wisten hoe je er badhuizen mee kon verwarmen. En de Zwitser Horace-Bénédict de Saussure wist al in 1767 hoe je kon koken met de kracht van de zon. Alexandre-Edmond Becquerel ontdekte in 1839 het fotovoltaïsch effect en in 1883 kon men de eerste zonnecel produceren. Het wordt al jaren gebruikt in de ruimtevaart en toch gebruiken we het hier op aarde nog maar minimaal.

Zonnepanelen zijn duur, het wordt niet voldoende gepromoot door de overheid en eerlijk is eerlijk ik vind ze ook niet mooi. Maar we moeten iets.

Gelukkig zijn er nog andere vormen van duurzame energie. We bouwen al heel lang stuwdammen. Offeren daar soms zelfs hele dorpen voor op. Het stuwmeer is duurzaam, maar niet goed voor de lokale ecologie. Visstanden dalen en wat eerst land was wordt water. Er verandert het een en ander, maar op grote schaal blijft het stuwmeer toch duurzaam. Je kunt ze echter niet zomaar overal plaatsen, dus de opbrengst blijft in dezen toch beperkt. Ook getijde energie laat langzaam van zich horen, echter deze manier van energie opwekken is eigenlijk nog niet rendabel genoeg.

Echter we hebben nog iets en dat gebruiken we al eeuwen met succes. Wind. We hebben er heel veel van. We kunnen er schepen mee laten varen, ons graan tot meel malen of gewoon vliegeren met onze kinderen op het strand. Windmolens komen steeds meer in het zicht en dat wakkert de discussie rond hen aan. Windmolens, de moderne variant, wekken stroom op, maar maken ook lawaai. De wieken geven een regelmatig en voortdurend gesuis en zorgen daarnaast ook voor een constante visuele prikkel. Als je er vlakbij woont is het op een zonnige dag net alsof er met regelmaat iemand een wolk voor de zon schuift en weer weghaalt. Mensen vinden het vervelend eronder te wonen. En dat kan ik me goed voorstellen.

Maar er zijn veel plekken waar geen mensen wonen. Langs de autosnelweg bijvoorbeeld, of op zee. Hier worden dan ook met regelmaat windmolens gestald. Op zee kunnen zelfs hele parken aangelegd worden, zolang het de scheepsroutes niet kruist is er geen enkel probleem. Toch blijft er ook hier discussie en die discussie snap ik niet. Want, ja, ik vind ze mooi. Windmolens zijn gracieuze witte reuzen in ons landschap. Ze staan statig en stevig op hun ene been en de wieken draaien rustig hun sierlijke rondjes. Ik vind het fijn onder hen door te rijden als ik op de N11 naar mijn lieve Leiden rij. Ze staan er stoer en sterk op een plek waar niemand er last van heeft. De enorme palen dragen de witte wieken bijna subtiel. Ik vind het ontwerp prachtig.

Op zee staan ze goed.
Wanneer ik na een flinke pauze weer eens in Katwijk kom zie ik ze staan aan het einde van de horizon. Ik maak er wat foto’s van en ik zie een zeilschip dat hen op dezelfde wind passeert. De lucht kleurt vreemd wanneer de zon langzaam in de zee zakt en ik geniet van het uitzicht op deze zonnige namiddag die stilaan avond wordt.

Thuisgekomen bekijk in mijn foto’s tevreden. Wat staan ze er mooi.
Wanneer ik mijn beeldmateriaal met wat vrienden deel schiet het woord horizonvervuiling regelmatig langs mijn trommelvlies. Vervuiling? We maken toch niks vies?
Waar het op neer komt is dat we het vrije uitzicht op de Noordzee verliezen door het aanleggen van deze parken. Het uitzicht is natuurlijk nog steeds vrij, maar we kijken tegen een paar windmolens op die we blijkbaar liever niet zien.

De olietankers die ik zie wanneer ik mijn blikveld een eind naar links opschuif blijken dan weer geen enkel probleem. Die liggen er ook altijd. Ze blijven hier voor de kust hangen omdat ze in de drukbezochte haven van Rotterdam liggeld moeten betalen en het hier op open zee goedkoper is.
De enige logische verklaring die ik hiervoor bedenken kan is dat deze immense schepen, die eveneens ons vrije uitzicht belemmeren, er al tientallen jaren zo bij liggen. We zijn ze gewend en zien ze niet meer als belemmering.
De nieuwe gasten, de statige witte molens, helemaal aan het einde van ons blikveld storen ons wel omdat ze er eerst niet waren en nu voor ons gevoel het uitzicht belemmeren.

Dus bij deze gevoelige plaat pleit ik voor de windmolen. Voor dat oerhollandse idee van de wind die het werk voor ons doet. Voor de zeilboot en het graan, voor het plezier met onze kinderen. En voor de wonderschone energie die deze witte reuzen aan het einde van ons blikveld voor ons verzorgen. Ga er eens voor zitten, neem het in je op en leg me dan nog eens uit waarom je het zo lelijk vindt. Zelf denk ik dat we best van dit uitzicht kunnen leren genieten.
Het zou natuurlijk onzinnig zijn om de hele horizon vol te proppen met gevisualiseerde wind in de vorm van deze machtige machines, maar zo hier en daar kan het toch echt geen kwaad en is het niet mooier of lelijker dan de schepen die liggen te rusten voor de haven van Rotterdam.

2 Reacties

  1. Virginie Royen

    13 augustus 2018 op 09:36

    Schitterend toekomstbeeld. Slanke benen die, keer op keer, een moeiteloze radslag draaien. Afgetrainde acrobaten op hoog niveau…..op zee-niveau.

  2. Eens, helemaal eens. Hoe duurzamer hoe beter en ik vind ze juist wel mooi. Het zegt juist….hier leven mensen die om de aarde geven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

© 2021 Wonderwerpen

Thema door Anders NorénOmhoog ↑